Zorgvuldig natuurherstel met oog voor natuurwaarden

Fotograaf Nico Kloek

In onder meer de natuurgebieden Beerze, Lemelerberg en Manderheide vinden op dit moment natuurherstelwerkzaamheden plaats vanuit Natura2000. Delen van bos maken plaats voor het versterken en uitbreiden van heide, hoogveen en zandverstuivingen. Landschap Overijssel werkt hierbij zoveel mogelijk om bijzondere natuurwaarden heen. Als dit niet mogelijk is, worden de betreffende soorten in veiligheid gebracht. Zo hebben een aantal dennenorchissen inmiddels een nieuw plekje gekregen.

De heide en zandverstuivingen in de natuurgebieden Beerze, Lemelerberg en Manderheide zijn zo bijzonder, dat de Europese Unie ze op de lijst van Natura2000 heeft geplaatst. Hiermee heeft Landschap Overijssel de kans en de verplichting om ze te beschermen. Door de jaren heen heeft bos steeds meer de plaats van heide ingenomen. De afgelopen 100 jaar is in Overijssel bijna 90% van de heide verdwenen door ontginning en verbossing. De bomen zorgen voor verdamping, schaduw, naaldval, en ze houden de wind tegen. Daardoor krijgen heidevelden en zandverstuivingen het steeds moeilijker. Terwijl juist die natuur zo bijzonder is in deze gebieden. Het verwijderen van bomen is nodig om heide en zandverstuiving weer een kans te geven.

Sparen
Uiteraard werkt Landschap Overijssel bij ingrepen altijd zoveel mogelijk om bijzondere natuurwaarden heen. Zijn er in een bos bijvoorbeeld rode bosmieren, dassenburchten en holle bomen aanwezig, dan wordt dat stuk bos gespaard. Soms is dit echter niet mogelijk. Een stukje bos staat dan op een cruciale plek voor het natuurherstel. Alleen als dit specifieke stukje bos wordt verwijderd, krijgt de wind weer vat op het stuifzand, komt er licht op de bodem en kan de waterspiegel stijgen in een veentje. Dit bosje kan dan, ondanks de bijzondere natuurwaarden, toch niet worden gespaard.

Dennenorchis
In Beerze, Lemelerberg en Manderheide staan drie stukjes bos die niet gespaard kunnen worden, hoewel hier dennenorchissen groeiden. Deze orchidee was redelijk zeldzaam in Nederland, maar komt vaker voor nu de dennenbossen ouder worden. Het plantje komt onder andere voor in de duinbossen op Terschelling en bij Schoorl. Ook in Overijssel zijn er een tiental groeiplaatsen, waaronder in de drie natuurgebieden van Landschap Overijssel. Om de dennenorchissen in deze gebieden te behouden, zijn ze naar een andere, identieke groeiplek gebracht. De dennenorchis is niet heel kritisch en duikt op in dennenbossen tussen de 40 en 80 jaar oud.

Nieuwe groeiplaats
Zomaar uitsteken en verplaatsen van dennenorchissen heeft geen zin. Een orchidee heeft specifieke schimmels nodig om te overleven. Daarom is een nieuwe locatie gezocht die precies dezelfde kenmerken heeft als de oude groeiplaats. Ook hier staan de dennenorchissen weer in een 6 tot 10 centimeter dikke strooisellaag van verterende dennennaalden. De locatie ligt diep in een dennenbos van ongeveer 40 jaar oud met een gesloten kroondek, in verband met de benodigde vochtigheid.

Verplaatsen
De worteluitlopers van de dennenorchis blijven redelijk aan de oppervlakte, ze gaan niet dieper dan 10 centimeter. Juist hierdoor zijn ze goed te verplanten. Voor het verplaatsen hebben vrijwilligers van Landschap Overijssel onder de dennenorchis bodemplaggen uitgestoken van 10 centimeter dik, tot op het zand. Op de nieuwe groeiplaats zijn bodemplaggen van hetzelfde formaat uitgestoken. De plaggen met de dennenorchideeën zijn hiervoor in de plaats gelegd. De komende periode wordt goed in de gaten gehouden hoe de dennenorchissen zich ontwikkelen. Zo wordt er alles aan gedaan om dit zeldzame plantje een veilige plaats te bieden. Met dank aan de vrijwilligers die dit mogelijk hebben gemaakt.