Het Reestdal op z'n smalst

Vechtdal / Reestdal

Wandelen
4 km

'Het Reestdal op z'n smalst' - een korte, gemarkeerde familieroute door Het Reestdal. Een mooie wandeling door het Stapelerveld en de lager gelegen, moerassige hooilanden. De route van Het Drentse Landschap start bij 't Ende, een oude herenboerderij. De staart is in gebruik als informatiecentrum.

Toegankelijkheid

Smalle (bos/gras)paden, in natte periodes kan het drassig zijn. De rondwandeling is voor 100% gemarkeerd (pijl: bruin en/of paal met paarse kop).

Startpunt

Startpunt: Informatiecentrum 't Ende, Stapelerweg 20, 7957 NB De Stapel. Routebeschrijving: vanaf Stapelerweg, tegenover huisnr. 43a, toegangspad inrijden tot voor het infobord bij de parkeerplaats 't Ende. Wilt u het Beeldenatelier bezoeken? Dit ligt, vanaf keuzepunt 12, 400 m buiten de route richting 14. Er is geen OV mogelijk naar deze locatie.

Highlights op deze route:

  • Infocentrum 't Ende

    Van harte welkom om de natuurexpositie te bekijken. Dagelijks geopend van april t/m oktober. Binnen is, naast de expositieruimte, ook een toilet. Loop terug over de halfverharde weg tot Knooppunt 12. Volg KP 11, 36 tot het eindpunt. Atelier ri. 14.

  • 1

    Informatiecentrum 't Ende

    Informatiecentrum 't Ende

    Deze oude hoeve - genaamd 't Ende - bevindt zich aan de rand van het gehucht De Stapel en is sinds 1997 in bezit van Het Drentse Landschap. De boerderij is eind jaren '90 in oude luister hersteld. Het voorhuis is in erfpacht, het achterste deel van de 'staart' is ingericht als informatiecentrum.

    Natuurinfocentrum 't Ende

    Het verleden

    De oudste vermelding van een boerderij 't Ende op deze plek is uit 1458. In 1569 wordt 't Ende als één van de vier boerderijen van buurtschap De Stapel genoemd. In de 17e en 18e eeuw ontwikkelt de hoeve zich tot een succesvol boerenbedrijf.

    Eikengaard

    't Ende is altijd een behoorlijk erf geweest. Rond 1792 had de boer hier 100 schapen, 30 koeien, 9 varkens en 5 paarden op stal. Dat was voor die tijd een flinke boerderij. De boer had ook z'n eigen Eikengaard voor de houtkap en verkoop. Deze is nu nog te zien tegenover de ingang van 't Ende.

    Jaarlijks wisselende expositie

    In Informatiecentrum 't Ende wordt een jaarlijks wisselende expositie ingericht. Dit jaar een kunsttentoonstelling waarbij deeltijdkunstenaars zich lieten inspireren door het magische riviertje de Reest.

    Speciale openingstijden: zaterdag en zondag 9-10, 16-17, 23-24 september 2017. Rondleidingen 12, 14, 16 uur. Toegang: € 2,50.

  • Wandelkeuzepunt 12

  • 2

    Beeldenatelier Wildschutserve

    Historie Wildschutsarve

    'Wildschutserve' kent een rijk verleden. De oudste vermelding van een boerderij op deze plek is in de 16e eeuw. Het heette toen 'Wildschutsarve' en werd door Scholtes Albert van Kuick (ca 1672-1701) bewoond. In 1933 werd de boerderij verplaatst vanaf overkant van de weg naar huidige locatie.

    Beeldenatelier Wildschutserve

    Beeldend kunstenaar Bert Denneman en Olga de Lange hebben hun atelier in de voormalige boerderij ‘Wildschutserve’. Bij mooi weer is, naast het atelier, ook de theetuin open. Klik op link voor de actuele openingstijden.

    Beeldenatelier & Theetuin

    Schaapskooi De Stapel

    De Stapel was het enige buurtschap langs het grensriviertje de Reest dat een eigen schaapskudde had. Een deel van de veestal stond toen op het tracé van wat nu de Stapelerweg is. Blijkbaar een mooie reden om de boerderij, toen nog aan de overkant, af te breken en 50 meter te verplaatsen.

    Hergebruik

    De verplaatste boerderij (steenlegging 1933) werd een flinke maat groter, want het ging de familie voor de wind. Het waren succesvolle rundveefokkers. Vele materialen zijn hergebruikt tot een modern jasje: o.a. gebinten (17e eeuw), plankendeuren (18e eeuw), ramen/deuren (19e eeuw).

  • 3

    Het Stapelerveld

    Het Stapelerveld

    Eeuwenlang was het Stapelerveld het domein van de schaapskudde van de boeren van De Stapel. Aan 't eind van de 19e eeuw en het begin van de 20e eeuw werd het grootse deel van het Stapelerveld ontgonnen tot landbouwgrond.

    Bewaard 'oerstukje'

    Niet alleen door het gemis aan vruchtbare grond, maar ook vanwege de toenmalige eigendomsverhoudingen is dit smalle, langgerekte 'oerstukje' in het Stapelerveld gelukkig bewaard gebleven en min of meer onaangetast. Kijk bij zomers weer eens of je actieve zandwespen ziet. Volg de gemarkeerde route.

  • 4

    Een 'OER' belevingsbos

    Verscholen poelen

    Op enkele plekken in het Stapelerveld zijn diep verscholen poelen aangelegd, een heerlijke plek voor de kleinere diersoorten. Een poel dient, behalve voor het drenken van vee, ook als kraamkamer voor salamanders en kikkers. Leven er nog meer dieren in de poel, voor wie 'rust' belangrijk is?

    Ratelpopulier

    Als je goed kijkt, zie je in dit bos verschillende boomsoorten. Je vindt hier niet alleen eiken en berken, maar ook dennen en hulstbomen. Hoor je wat ritselen? Dat is misschien het geluid van de ratelpopulier.

    Karaktervol 'OER'-bos

    Het grootste deel van dit bos bestaat uit heideveld dat nooit ontgonnen is. Maar toen de schaapskudde verdween, kon dit terrein volgroeien met opschot van bomen. Dit type 'OER'-bos herken je aan bomen die aan de onderkant breed vertakt zijn, ontstaan door afgezaagde stammen.

    Weidebeheer en bosbewoners

    Vanwege de toenmalige eigendomsverhoudingen is een deel van het Stapelerveld bewaard gebleven als een complex smalle graslandjes. Een groot deel van het jaar worden de weilandjes begraasd door Limousinrunderen. En in het bijzondere bos huizen vele vogels, eentje daarvan is de Buizerd. Luister ...

  • 5

    Houtsingel en mostapijt

    Houtsingel en mossen

    Vanuit het bos loop je, tussen het boerenland en de houtsingel, over een smal paadje. Je ziet aan weerszijden veel mos. Dit heet een mostapijt. Aan de blaadjes kun je zien welk soort het is. Herken je ook de vogelgeluiden in het bos? Een daarvan is de Goudvink, luister..

    Houtsingel of wal?

    Van oorsprong is een houtsingel een met bomen beplante strook grond tussen twee weilanden, die functioneert als veekering en eigendomgrens. Houtsingels lijken op houtwallen, alleen bij houtsingels is er geen sprake van een opgeworpen wal. Ontdek tijdens deze wandeling het verschil.

  • Wandelkeuzepunt 11

  • 6

    Uitloper zandopduiking

    Vroegere dalrand Reestdal

    Als je hier rechts richting de houtsingel met greppeloversteek kijkt, zie je een stuk grasland. Misschien moeilijk om voor te stellen, maar aan het begin van de 20e eeuw werden hier honderden karrenvrachten zand afgevoerd van de toen nog aanwezige dalrand langs het grensriviertje de Reest.

    Zand voor Wilhelminapark

    De toenmalige eigenaar van 't Ende verkocht dit Reesterzand aan de gemeente Meppel, die het gebruikte voor de aanleg van het Wilhelminapark aan de Reest. Wie nu een kijkje neemt in dit fraai aangelegde park, begrijpt misschien waarvoor die grote hoeveelheden zand nodig waren.

    Grensriviertje de Reest

    De Reest vormt de circa 35 km lange, natuurlijke grens tussen Drenthe en Overijssel, van De Tippe, ten noorden van Dedemsvaart, tot Meppel. De beek ontspringt als nietszeggend slootje (bovenloop) in de weilanden om in Meppel, de benedenloop, te eindigen als een brede vaart.

    Roestwater of toch niet?

    Ontdekken waarom het water in de Reest roodbruin kleurt? Na de eerste twee houten loopplanken (brug) kun je molshopen tegenkomen. Speur in de opgeworpen zandbulten naar stukjes ijzeroer. In combinatie met de veengrond, kleurt ijzeroer het water in de Reest roodbruin.

  • 7

    Hooilanden 't Ende

    Hooiland

    Hooiland is grasland dat vrijwel uitsluitend wordt gebruikt om hooi te winnen. De armste hooilanden (met de rijkste vegetatie) worden wel aangeduid met de vakterm 'blauwgrasland'. Het beste hooiland ligt in de beekdalen bij Meppel. Deze dalen worden regelmatig door slibrijk water overstroomd.

    Ontwikkeling hooiland 't Ende

    Ondiepe sleuven op regelmatige afstanden van elkaar, verborgen in de grond (zie foto) voeren het oppervlaktewater af naar de beek. Een systeem dat boeren honderden jaren geleden ontwikkelden en dat ook nu nog zorgt voor optimale hooiopbrengst. Het hooi vormde de basis van de rijkdom van 't Reestdal.

    Dotterbloem

    Door jaarlijks te hooien, blijft de grond hier voedselarm. Daarom wordt dit oude boerengrasland ook 'schraalland' genoemd. In het voorjaar staat het vol bloeiende dotterbloemen. Hier tegenover links, bij de verhoogde bosstrook, hoor je zomers de vele zoemende en fladderende insecten.

    Bosbeheer Landschap Overijssel

    Volg na de eerste oversteek het gemarkeerde pad rechts voor het bos. Ontdek het verschil in hoogte aan weerszijden van het graspad. Landschap Overijssel past in het langgerekte bos beurtelings houtkap toe. Dat resulteert hier en daar in kale stukken, die vrij snel herstellen.

  • 8

    Steilrand van het beekdal

    Rand van het beekdal

    Na het laatste bos kom je over een smal pad langs het beekdal. Op deze zogeheten 'steilrand' zie je rechts de dieper gelegen natte hooilanden met zicht op de 'stadse' boerderij 't Ende. Ook in deze hooilanden, het eigenlijke beekdal, liggen talrijke onzichtbare sleuven (gegraven watergangen).

    Houtwal en Akkers

    Wanneer je verderop vanaf de houtwal over het veld kijkt, zie je de boerderijen aan de Overijsselse kant min of meer verstopt liggen tussen hoog opgaand hout. Vergelijk dat eens met 't Ende aan de overkant van de Reest dat zich in volle luister aan de buitenwereld toont (rood blokje op de kaart).

  • Wandelkeuzepunt 13

  • 9

    Grootvorstin Drentse stromen

    Grensriviertje de Reest

    U steekt nu voor de tweede maal de Reest over en bevindt zich weer in Drenthe. Neem vanaf deze grensbrug rustig de tijd om het roodbruine water traag voorbij te zien stromen. Vanaf de oorsprong 'De Tippe' in Dedemsvaart tot aan de monding in Meppel, kent de meanderende Reest een verval van 5 meter.

    Grootvorstin Drenthe's stromen

    De Reest: niet zomaar een riviertje maar de 'Grootvorstin van Drenthe's stroomen’ dichtte Willem Koops al in de 19e eeuw. Het Drentse Landschap deed in begin jaren '60 haar eerste aankopen. En nu? Zo’n 85% van het beekdal, aan weerszijden van het riviertje, valt nu onder het natuurbeheer.

    Het Reestfonds

    Het Reestdal valt met haar 35 km lange, meanderende Reest, onder het beheer van twee natuurorganisaties. Voor het aankopen van aangrenzende gronden aan de Reest, richtten Landschap Overijssel en Het Drentse Landschap in het jaar 2013 het Reestfonds op. Zo behouden we samen het Reestdal.

    Afwisselend landschap

    Het pad over de houtwal daalt af naar de brug over de beek. In het voorjaar staan de schraallanden (hooilanden) in bloei en kleurt het landschap geel. Door de aanwezigheid van het ooievaars buitenstation 'De Lokkerij' in De Wijk, kun je hier in het voorjaar foeragerende ooievaars spotten.

    Begrip 'houtwal'

    Een houtwal is een geheel of gedeeltelijk aan de natuur overgelaten erfafscheiding. Aan het pad zie je vaak bomen en/of struiken. Boeren gebruikten zo'n natuurlijke houtwal vroeger als verbindingspad om zich te verplaatsen naar hun gronden. Vaak zie je een greppel aan weerszijden van een houtwal.

  • 10

    Herenboerderij 't Ende

    't Voorname karakter boerenerf

    Hoe dichter je bij 't Ende komt, des te meer valt het voorname karakter van het erf op. In vroegere tijden woonde hier geen gewone boer, maar een herenboer. Het ging op 't Ende rond de vorige eeuwwisseling zo goed, dat de eigenaar voor zijn boerderij een 'stads' voorhuis kon bouwen.

    Bouwstijl 't Ende

    Aan de achterkant van 't Ende werd een staart gebouwd in de de vorm van een houten schuur. Het aantal ramen en deuren illustreert, net als het imposante voorhuis, de rijkdom van het erf. Aan de zijkant van de boerderij heb je het beste zicht op de bijzondere bouwstijl van deze 16e eeuwse boerderij.

    Tuinarchitectuur

    De tuin van 't Ende werd ingericht volgens de laatste mode in de tuinarchitectuur. De monumentale rode beuk was in die tijd een teken van welvaart.

  • Infocentrum 't Ende

Colofon: Groep Reestdal Mystiek: Hennie de Jong en Tineke Poortman in samenwerking met Harald de Graaff van Het Drentse Landschap.
Deel deze pagina