De achtertuin van Judith Snepvangers

Judith en haar gezin, foto: Astrid Mensink
Ik droom van een groen platteland waar natuur en landbouw elkaar weer weten te vinden.
Judith Snepvangers

Tekst: Astrid Mensink
Op 1 januari 2019 verlaat Judith Snepvangers na ruim tien jaar onze organisatie om als regiomanager bij LTO Noord regio Oost aan de slag te gaan. Van natuur naar landbouw, een opmerkelijke stap?! Niet voor Judith. Als dochter van een boomkweker heeft zij geleerd dat er op een agrarisch bedrijf veel natuur kan zijn. “Toen al is mijn liefde voor de natuur ontstaan”, vertelt Judith. “En nog altijd droom ik van een groen platteland waar ondernemers alle ruimte hebben om hun geld te verdienen én een bijdrage aan het landschap te leveren.”

Voor Judith zijn natuur en landbouw niet tegenstrijdig aan elkaar. Natuurlijk zijn er de uitersten waar natuur als hoogveen niet met landbouw te combineren is en waar landbouw met een industrieel karakter weinig tot geen ruimte voor natuurwaarden laat. “Maar daar zit heel veel tussen. Kijk naar de koeien die deze zomer de schaduw van een paar bomen opzochten of de vrije uitloopstallen die goed bij het dierenwelzijn passen. In de belangenbehartiging wil ik beide werelden dan ook meegeven elkaar meer op te zoeken.”

Extra inkomsten

De gedachte dat natuur en landbouw niet samengaan, wordt volgens Judith ook ingegeven door de wet- en regelgeving. “Europese landbouwsubsidies bijvoorbeeld rusten alleen op het agrarisch gebruikte deel van de grond. Dan is het weghalen van een houtwal voor een agrariër een makkelijke manier om extra subsidie te krijgen. En dat begrijp ik, als je financiële ruimte beperkt is.” De wet- en regelgeving is gebaseerd op een sterk wantrouwen ‘natuur versus landbouw’ en omgekeerd. “We doen het elkaar aan, maar gelukkig zijn er ook voorbeelden die laten zien dat het anders kan. Zo zetten bij een boomkwekerij hier in Hoonhorst wolvarkens na het rooien van de bomen de grond op z’n kop, zodat bestrijdingsmiddelen niet langer nodig zijn.”

Samenspraak

Bij Landschap Overijssel heeft Judith de eerste acht jaar als hoofd landelijk gebied samen met overheden en grondeigenaren gewerkt aan het verbeteren van de landschapskwaliteit. De laatste twee jaar was zij verantwoordelijk voor beheer en ontwikkeling van de natuurterreinen. “Het voelde goed om zowel in het landelijk gebied als aan opgaven als Natura 2000 te mogen werken. Voor wat betreft Natura 2000 staan we de komende jaren voor een grote uitdaging, waarbij natuur en landbouw bij elkaar komen. Laten we dan ook in samenspraak kijken hoe we de natuur kunnen verbeteren en de agrarische sector kunnen laten ondernemen. Ik vind het namelijk bijzonder dat er maatschappelijk wel redelijk makkelijk ruimte wordt gegeven voor uitbreiding van bedrijventerreinen en woonwijken, maar niet voor natuur. Terwijl er in de natuur met bijvoorbeeld begrazing juist nog (beperkte) ruimte voor agrariërs is om te ondernemen.”

Heidekoeien

Zo wil Landschap Overijssel in navolging van onder andere het Geldersch Landschap een aantal heideterreinen gaan begrazen met een speciaal type koeien. Door kruising van genetische lijnen in Deense koeien is min of meer een oud-Nederlands ras ‘heidekoeien’ terug gefokt. “Dit ras kan goed uit de voeten op de arme heideterreinen. Hoe mooi zou het zijn als we een ondernemer vinden die met deze koeien een mooi natuurvleesproduct kan neerzetten?”

Goede Balans

Als Judith naar de toekomst kijkt, ziet zij LTO weer veel dichter bij Landschap Overijssel staan. “Laten we niet vergeten dat SCLO, één van de voorlopers van Landschap Overijssel, mede is opgericht door één van de voorlopers van LTO. We zijn echter te ver van elkaar verwijderd geraakt en graag lever ik een bijdrage aan het herstel van een goede balans tussen natuur en landbouw. Ik geloof in agrariërs die een eigen route voor hun onderneming kunnen bepalen, waarin zij de omgeving zeker zullen meenemen als zij daar het vertrouwen en de ruimte voor krijgen. Dat zie ik namelijk iedere dag als ik vanuit mijn achtertuin uitkijk over de Emmerhooilanden waar de runderen van de buurman voor een goede vleesproductie en goed natuurbeheer zorgen.”