De otter is ons grootste waterroofdier. Hij behoort tot de familie van marterachtigen en alleen als de kwaliteit van het zoetwater erg goed is, kan de otter overleven. Het dier was verdwenen in Nederland maar is sinds 2002 weer uitgezet.

Herkenning

Otters hebben een glanzende, fluweelachtige, dichte donkerbruine vacht met een licht gekleurde, zandkleurige, onderkant en soms met een licht gekleurd vlekkenpatroon op de kin en rond de lippen. Een grote mannetjesotter kan wel 1,5 meter lang worden (incl. staart). Otters zijn nachtdieren, het is dan ook bijzonder om overdag een otter te zien. Wanneer je overdag een otter ziet, is het meestal een ziek dier of is de otter verstoord door mensen of loslopende honden. De otter heeft een sterk ontwikkelde neus (1000 x sterker dan die van de mens), zeer gevoelige snorharen en stevige wenkbrauwen die, vooral in troebel water, gebruikt worden als voelsprieten.

Leefgebied

De Otter leeft in oeverzones met voldoende dekking en rust. Op dit moment komt de otter weer voor in Noordwest-Overijssel, Friesland, Gelderland en langs de Overijsselse Vecht.