Wezel

Het kleinste roofdier met een verborgen bestaan

Foto: Viljo Kooij

Herkenning

Als kleinste roofdier van Nederland leidt de wezel een verborgen bestaan. Zijn favoriete leefgebied is een knus en rommelig landschap, maar juist dat verdwijnt langzaam, ook in Overijssel. Wezel, bunzing en hermelijn vallen onder de kleine marterachtigen. Wat betreft aandacht en bescherming staan ze een beetje in de schaduw van meer bekende familieleden zoals das, steenmarter en otter. Je kunt gerust stellen dat wezels een beetje een onzichtbaar leven leiden. Een mannetje is gemiddeld 20 cm lang, een vrouwtje 17 cm, de staart niet meegeteld.

Stel: je hebt geluk en je ziet tijdens een wandeling een marterachtige wegschieten. Hoe weet je dat het een wezel is? Veldgidsen en kenners omschrijven de vacht van een wezel als kaneelkleurig tot chocoladebruin. Zijn onderzijde is weer ivoorwit. Maar zijn familielid de hermelijn oogt min of meer identiek. Je moet kijken naar de grens tussen het bruin en het wit van zijn vacht, bij een wezel is die een beetje grillig of gerafeld. Het blijft lastig, maar daarmee kun je hem het meest eenvoudig onderscheiden van een hermelijn. De overgangslijn tussen het bruin en wit van een hermelijn is juist strak en recht. Een ander kenmerk is de staart. De hermelijn heeft een zwarte pluim aan het uiteinde van de staart, de wezel niet.

Leefgebied

Wezels houden van een kleinschalig (boeren)landschap met heggen, struiken, ruig grasland, rommelige erven en ook rietland bij water. Het Reestdal is een mooi voorbeeld van een gebied waar wezels zich thuis voelen. Ook het kleinschalige houtwallenlandschap van de Mandermaten in Twente is een echt wezellandschap.

Het landschap moet voldoende dekking bieden, er moeten voldoende verblijfplaatsen zijn én misschien wel het belangrijkst: zijn er voldoende muizen. Wezels zijn roofdieren en een groot deel van de tijd jagen ze op prooien, vooral op woelmuizen, zoals veldmuis en rosse woelmuis. Ze speuren de plekken af waar de muizen zich verscholen houden, zoals dichte begroeiing, rommelhoekjes en holen. Dameswezels, die iets kleiner zijn, kunnen muizen tot in hun gangenstelsels achtervolgen en wurmen zich door openingen van nog 3 centimeter doorsnede. Gemiddeld eten ze 1 tot 2 woelmuizen per dag.

Wil je meer informatie over de kleine marterachtigen zoals wezel, hermelijn en bunzing? Download onderstaand de beheerwijzer van de Zoogdiervereniging.