Aamsveen

Een bezoek aan het Aamsveen met zijn levend hoogveen is een unieke natuurbeleving!

Gebied

Een bezoek aan het Aamsveen met zijn levend hoogveen is een unieke natuurbeleving die je niet snel zult vergeten. Het Aamsveen behoort tot de weinige overgebleven hoogveengebieden in West-Europa. Vlak na de ijstijden waren grote delen van Oost-Nederland bedekt met hoogveen. Trilveen van dikke, zompige veenmostapijten zo ver het oog reikte. Ruig en nauwelijks toegankelijk. Veel van deze veengebieden zijn ontgonnen om plaats te maken voor landbouw. Het Aamsveen is bewaard gebleven.

Het Aamsveen is zo bijzonder, dat Europa het heeft aangewezen als een Natura 2000-gebied. Het hoogveen zorgt voor een afwisselend leefgebied voor onder andere het heideblauwtje en de welriekende nachtorchis. Natuurliefhebbers genieten van de uitgestrektheid, de rust en van de grote natuurlijke waarde van het Aamsveen.

Foto Ruud Ploeg

Buitengewoon Bijzonder Aamsveen

Het Aamsveen is vanaf circa 5.000 jaar voor Christus gevormd en is uniek vanwege zijn vrijwel ongeschonden overgang - oftewel laggzone - tussen het hoogveen en het dal van de Glanerbeek. Het gebied ligt ten zuidoosten van Enschede en vormt landschappelijk en ecologisch gezien één geheel met het Duitse ‘Natura 2000-Gebiet Amtsvenn-Hündfelder Moor’. In het Aamsveen vind je naast afgegraven hoogveen ook natte broekbossen, heidevelden, veenputten en schraalgrasland. Deze geweldige afwisseling maakt het Aamsveen aantrekkelijk voor mens, plant en dier.

-	Kluundel in het Aamsveen, gebruikt om turf fijn te trappen zodat het kon drogen

Verhalen uit het Aamsveen – door Wolter Koning

Het Aamsveen bevat niet alleen een schat aan bijzondere natuur, maar ook heel veel verhalen. Wolter Koning heeft zijn leven lang in en nabij het huidige Natura 2000-gebied geleefd én erin gewerkt als toezichthouder en jachtopziener. Schrijver en vrijwilliger Henk van Gerner sprak hem in 2019 in Glanerbrug, waar hij vele jaren van zijn pensioen genoot. Hij heeft Wolter Konings ‘verhalen uit het Aamsveen’ opgetekend.

Lees de verhalen hier!

Natura 2000 proces

Het Aamsveen staat onder druk. De kwaliteit van de natuur neemt af en tegelijkertijd nemen de invloeden van buitenaf toe. Denk aan de groeiende industrie en landbouw en het toenemende verkeer. Daarom wordt het Aamsveen versterkt. We maken het gebied weerbaarder voor de toekomst zodat de kwetsbare planten en dieren er kunnen blijven leven en ook in de toekomst mensen ervan kunnen blijven genieten.

Stappen tot nu toe

Aanpak laggzone en hoogveen

In juni 2020 hebben Gedeputeerde Staten van de provincie Overijssel het inrichtingsplan Natura 2000 Aamsveen goedgekeurd. De uitvoering in de laggzone - het overgangsgebied tussen het hoogveen en het dal van de Glanerbeek - start hierdoor naar verwachting in de tweede helft van 2021. Het hoofddoel van de werkzaamheden is om het totale gebied natter te maken. Dit is hard nodig voor de bijzondere planten die hier voorkomen en voedselarm en kalkrijk water (kwel) nodig hebben voor hun voortbestaan.

En het hoogveen dan?

Natura 2000

Dit natuurgebied is een van de tien natuurgebieden die Landschap Overijssel beheert die zo bijzonder zijn dat ze de Natura 2000-status hebben gekregen. Deze natuurgebieden zijn erg kwetsbaar en hebben bescherming nodig. Dat we deze buitengewoon bijzondere natuur hebben in Overijssel, daar kun je trots op zijn! Elk gebied is (soms beperkt) toegankelijk voor publiek. Je kunt er heerlijk tot rust komen, ontspannen, bewegen en genieten.

Q&A | Over het Aamsveen

1. Wat wordt onder Natura 2000-gebied Aamsveen verstaan?

Het Natura 2000-gebied Aamsveen (145 ha) ligt ten zuidoosten van Enschede. Het vormt landschappelijk en ecologisch gezien één geheel met het Duitse ‘Natura 2000-Gebiet Amtsvenn-Hündfelder Moor’ (893 ha), ten zuidwesten van Gronau. Het Aamsveen is grotendeels eigendom van Landschap Overijssel en bestaat uit een hoogveengedeelte en een zogeheten laggzone. Dit is de benaming van het overgangsgebied - waar ook het Dal van de Glanerbeek in ligt - tussen het hoogveen en de Oost-Twentse stuwwal.

2. Waarom is het Aamsveen zo uniek?

Het Aamsveen is vanaf circa 5.000 jaar voor Christus gevormd en is uniek vanwege zijn tamelijk ongeschonden overgangen tussen het hoogveen, de laggzone en het dal van de Glanerbeek. Het veengebied is samen met het Korenburgerveen het enige hoogveen in Nederland waar een groot deel van de lagg niet is gecultiveerd en nog veel bijzondere natuur bevat.

3. Welke bijzondere natuur komt er voor in het Aamsveen?

Hoogveen: hoogveen met natte heide. In het hoogveengedeelte komen onder andere bultvormende veenmossen voor. Andere planten zijn onder andere kleine veenbes en lavendelhei. Het hoogveen kent niet veel faunasoorten, maar wel een paar specialisten die uitsluitend in hoogveen leven: zo komen in het Aamsveen onder andere de hoogveenglanslibel en noordse glazenmaker voor. Daarnaast overwintert elk jaar een of enkele klapeksters in het gebied.

Laggzone/Dal van de Glanerbeek: vochtige heide e,n heischraal grasland en vochtig alluviaal bos (elzenbroekbos): De laggzone kent diverse vegetaties die onder invloed staan van grondwater. Hierdoor komen bijzondere soorten als welriekende nachtorchis, gevlekte orchis en vlozegge voor. Bijzondere fauna is bijvoorbeeld de jaarlijks broedende grauwe klauwier, wielewaal en veenmol.

4. Welke problemen zijn er met de natuur in het Aamsveen?

De natuur in de laggzone staat zwaar onder druk als gevolg van verdroging en verzuring. Het nog aanwezig levend hoogveen wordt bedreigd door verstoringen in het oppervlaktewatersysteem, te lage grondwaterstanden en ‘lekken’.

Er is een hoge mate van urgentie voor het uitvoeren van de maatregelen. De processen van verdroging en verzuring zetten onverminderd voor en zorgt er voor dat soortenrijke vegetaties langzaam overgaan in soortenarme en uniforme vegetaties. Daarbij verdwijnen zeer veel van de bijzondere en kenmerkende soorten. Omdat hoogveengebieden erg schaars zijn en veelal geisoleerd liggen betekent verdwijnen van soorten dan ook vaak: weg is weg en komen soorten niet op eigen kracht meer terug.

De processen van verdroging en verzuring zijn het gevolg van menselijk handelen en kunnen in belangrijke mate teniet worden gedaan. In het Natura 2000 herstelplan worden maatregelen genomen die de uitgangspositie sterk verbeterd. Behoud en herstel van be bijzondere natuurwaarden is daarmee mogelijk.

Q&A | Over het inrichtingsplan

1. Wie heeft het inrichtingsplan Aamsveen gemaakt?

Landschap Overijssel heeft als (bestuurlijk) trekker het inrichtingsplan gemaakt, in nauwe samenwerking met de gemeente Enschede, Waterschap Vechtstromen en Stichting voor Duurzame Plattelandsontwikkeling Enschede (STAWEL) en in opdracht van de provincie Overijssel.

2. Hoe is bepaald wat er moet gebeuren in het Aamsveen?

Het inrichtingsplan Aamsveen is tot stand gekomen op basis van uitgebreid en zorgvuldig onderzoek. Er was bij aanvang van het project namelijk nog maar zeer weinig over het gebied bekend. De volgende onderzoeken zijn gedaan:

  • Ecohydrologische systeemanalyse
  • Hoogveenonderzoek
  • Bodemonderzoek
  • Cultuurhistorisch onderzoek
  • Archeologisch onderzoek
  • Inmeting huidige loop Glanerbeek
  • Glanerbeek variantenstudie
  • Flora- en faunaonderzoeken en voortoets Wet natuurbescherming
  • Begrazingsstudie
  • Explosievenonderzoek
  • Omgevingsonderzoek

De combinatie van (1) alle onderzoeksresultaten, (2) de grensoverschrijdende samenwerking met de Duitse partners over het (gezamenlijke) hoogveen en (3) goed overleg met de overige grondeigenaren in het gebied, is de basis van de ‘herstelmaatregelen’. Hiermee worden de ingrepen bedoeld die nodig zijn om de natuur in het Aamsveen te herstellen en te behouden.

3. Welke werkzaamheden gaan er plaatsvinden in het Aamsveen?

In de laggzone en het dal van de Glanerbeek wordt de waterhuishouding verbeterd zodat de elzenbroekbossen en de heischrale graslanden niet verder verdrogen en verzuren. Dit gebeurt onder meer door de Glanerbeek ondieper te maken waardoor er meer (basisch) kwelwater in het gebied kan komen. Andere maatregelen zijn het dichtmaken van oude greppels en het verwijderen van oude dammen waarbinnen te lang regenwater blijft staan. Om de ontwikkeling van heischraal grasland te stimuleren, wordt de voedselrijke toplaag van voormalige agrarische percelen verwijderd. Tot slot verdwijnt er in de laggzone jong bos, in totaal circa 25 tot 30 hectare. Dit is nodig om verdere verdroging van het gebied tegen te gaan en om ruimte te bieden voor nieuwe ontwikkeling van heischrale vegetatie. Na de kap wordt de strooisellaag verwijderd en de achtergebleven boomstronken gefreesd. Hierdoor krijgen onder andere de gevlekte orchis en de welriekende nachtorchis weer alle ruimte.

In het hoogveen komen compartimenten die het water beter vasthouden zodat de nog levende en herstellende hoogveenmossen niet verder achteruit gaan. Concreet worden er kleine dammen en dijken gelegd, die aansluiten op bestaande ruggen en wallen in het Duitse deel van het hoogveen. Slim geplaatste afvoerstuwen maken gecontroleerde afvoer bij een wateroverschot mogelijk. De duiker op de grens wordt dichtgemaakt zodat daar geen water meer kan weglekken. Hetzelfde gebeurt met alle overige gaten in het oppervlaktewatersysteem, in Nederland en Duitsland. Tot slot wordt er (berken)bos verwijderd om verdamping (waardoor de grondwaterstand verlaagt) te verminderen.

4. Wat is de actuele status van het inrichtingsplan Aamsveen?

Het inrichtingsplan Aamsveen is in juni 2020 door de provincie Overijssel goedgekeurd. Hierdoor is ook het budget voor de uitvoering van het plan toegekend.

5. Is er nog inspraak mogelijk op het inrichtingsplan voor het Aamsveen?

Tijdens de vergunningenprocedure is er inspraak, bezwaar en beroep mogelijk. Deze procedure en de mogelijkheden worden tijdig in de lokale kranten aangekondigd.

6. Wie betaalt de werkzaamheden in het Aamsveen?

De provincie Overijssel stelt geld beschikbaar voor het uitvoeren van de Natura 2000-werkzaamheden in het Aamsveen.

Q&A | Over de planning

1. Wanneer beginnen de werkzaamheden in het Aamsveen?

De herstelmaatregelen voor het Aamsveen zijn gesplitst in werkzaamheden in de laggzone en in het hoogveengebied. Om het hoogveen succesvol te kunnen herstellen, moeten zowel in Nederland als in Duitsland maatregelen worden uitgevoerd. Beide landen trekken hierin gezamenlijk op.

De uitvoering in de Nederlandse laggzone start naar verwachting in de tweede helft van 2021: waarschijnlijk direct na het broedseizoen. Wanneer de uitvoering in het grensoverschrijdende hoogveen (Aamsveen en Hündfelder Moor) begint, is afhankelijk van het verloop van de Europese (LIFE) subsidieaanvraag voor deze werkzaamheden. In juli 2020 is een tweede – meer gedetailleerde – ‘concept note’ ingediend. Als Brussel deze accordeert, dienen Nederland en Duitsland begin 2021 samen een full proposal in. De startdatum van het voorgestelde LIFE-project is dan 1 september 2021. Als het project wordt toegekend, kan de daadwerkelijke uitvoering van de werkzaamheden eind 2022 of medio 2023 beginnen. Dit is onder andere afhankelijk van de terreinomstandigheden op dat moment en van nadere afstemming met Duitsland.

In het najaar van 2020 wordt in het dal van de Glanerbeek alvast een stuk bos verwijderd om naar niet-ontplofte bommen en munitie te kunnen zoeken. Uit historisch vooronderzoek is namelijk onder andere deze plek als detectiegebied aangewezen voor ‘niet gesprongen conventionele explosieven’ (CE) uit de Tweede Wereldoorlog. Deze vormen een groot risico als in een later stadium ook ín de grond wordt gewerkt, bijvoorbeeld door boomstronken te verwijderen. Het gaat om jonge bomen die volgens het inrichtingsplan sowieso moeten worden verwijderd. Door deze werkzaamheden nu al uit te voeren, vermindert het risico dat er volgend jaar wellicht (te) lang mee gewacht moet worden omdat de terreinomstandigheden het dan niet toelaten. Het gebied is immers zeer gevoelig voor natte weersomstandigheden. Hierdoor zou het totale project kunnen vertragen.

2. Is het niet gevaarlijk om bomen te kappen op een plek waar mogelijk explosieven in de grond zitten?

Het vrijmaken van het detectiegebied in het beekdal van bomen, om de bodem nader te kunnen onderzoeken, is niet gevaarlijk. Er wordt door de kwetsbare bodemomstandigheden sowieso licht materieel ingezet en voorzichtig gewerkt. Het risico op onverwachte ontploffingen ontstaat pas als er daadwerkelijk ín de grond wordt gewerkt. Bijvoorbeeld gegraven of geplagd. Daarom blijven de boomstronken na de kap zitten en gebeurt er verder niets totdat het onderzoek duidelijk heeft gemaakt of dit veilig kan.

3. Hoe lang gaan de werkzaamheden in het Aamsveen duren?

De uitvoering van de herstelwerkzaamheden in de laggzone inclusief de Glanerbeek zal naar verwachting starten in de zomer van 2021 en zullen ongeveer een half jaar in beslag nemen. Hierna start een periode van intensief beheer. De duur van de werkzaamheden in het hoogveen is op dit moment nog niet bekend.

Q&A | Over toegang, vragen en zorgen

1. Blijft het Aamsveen toegankelijk tijdens de werkzaamheden?

Tijdens de werkzaamheden kunnen stukjes van het Aamsveen tijdelijk afgesloten zijn voor recreatie. U wordt hier tijdig over geïnformeerd via borden en persberichten. In het gebied staan op een aantal plekken waar wordt gewerkt tijdelijke informatieborden. Het is belangrijk om tijdens de uitvoeringsperiode bedacht op grote rijdende voertuigen (met mogelijk uitstekende lading) op alle transportroutes, vallende bomen en depots. Het is verboden om op houtstapels en takkenbossen te klimmen en dichter dan 25 meter in de buurt van draaiend materieel (kranen en shovels) te komen. Na de werkzaamheden worden de wandelpaden zo snel als de (weers- en terrein)omstandigheden het toelaten weer opgeruimd en opengesteld.

2. Kan ik de werkzaamheden van dichtbij bekijken?

Landschap Overijssel organiseert voorafgaand aan en tijdens de werkzaamheden regelmatig speciale Natura 2000-excursies in het Aamsveen. Deze worden aangekondigd via landschapoverijssel.nl, Actief Aamsveen en door middel van persberichten.

3. Wie kan ik bellen met vragen, opmerkingen of problemen als gevolg van de werkzaamheden?

Heeft u vragen, opmerkingen of problemen door of over de werkzaamheden in september 2020, dan kunt u contact opnemen met Jacob van der Weele van Landschap Overijssel. Hij is bereikbaar via jacob.vanderweele@landschapoverijssel.nl of 06-30880720

Q&A | Over de bomenkap

1. Waarom worden er bomen gekapt in het Aamsveen?

Het Aamsveen is een oeroud hoogveengebied en een uniek en zeldzaam landschap. Om het nog bestaande hoogveen te verduurzamen en uit te breiden en om de laggzone te versterken, is het nodig om selectief bos te kappen. Oude bomen met een hoge ecologische waarde worden daarbij ontzien.

De belangrijkste redenen zijn:

  • tegengaan van verdamping en aanvullen van grondwaterstanden (nodig voor hoogveenontwikkeling);
  • versterken (door ruimte te creëren) van het heischraal grasland en blauwgrasland;
  • verminderen van fosfaten in de bodem (door vallend blad);
  • meer grip (en minder beheerkosten) op het ontstaan van nieuwe boompjes;
  • herstellen van het oorspronkelijke open veenlandschap.
2. Bomen zijn toch ook natuur?

Zeker, bossen zijn een waardevol onderdeel van de natuur in Overijssel! Op veel plekken wordt daarom ook gewerkt aan behoud en versterking van bossen. Op andere plekken krijgt kwetsbare natuur zoals hoogveen meer ruimte om te overleven. Per gebied wordt zorgvuldig bekeken wat er precies nodig is om bijzondere natuur te versterken en beschermen.

3. Waarom moet de ene natuur wijken voor de andere?

De natuur staat onder druk en heeft te maken met versnippering, verdroging, een overdosis aan stikstof én de gevolgen van de klimaatverandering. Slechts 13% van het Nederlandse grondoppervlak bestaat uit natuur, waarvan een groot deel uit bos bestaat. Dit terwijl juist die andere natuur, zoals heide, hoogvenen en stuifzanden, van levensbelang is voor veel bedreigde planten en dieren. Hiervoor is het soms nodig dat eenvormig bos plaatsmaakt voor gevarieerde andere natuur.

4. Is het niet zonde en onverantwoord om zoveel bomen te kappen?

De bomen die worden gekapt - en de dieren die in het bos leven – zijn niet zeldzaam en hebben in Nederland veel soortgelijke natuur om in te leven. De houtkap vindt zeer zorgvuldig plaats. Bomen met bijzondere waarde voor de natuur of beleving in het gebied blijven staan.

5. Kan het niet anders dan door kaalslag?

Plekken waar grootschalig is gekapt, zien er de eerste tijd niet fraai uit en roepen vaak veel emotie op. Gelukkig zal de natuur op deze stukken snel herstellen. Binnen vijf jaar ontwikkelt zich een natuur van hogere kwaliteit dan het oorspronkelijke bos.

Het kappen van aaneengesloten stukken bos is soms nodig om kwetsbare planten en dieren een laatste kans te bieden te overleven. De natuur staat momenteel zo onder druk dat ze niet meer flexibel is en niet meer kan inspelen op invloeden van buitenaf.

Planten en dieren móéten zich aanpassen, anders sterven ze uit. En dat aanpassen gaat beter in gezonde, grote natuurgebieden.

6. Bomen slaan CO2 op. Vergroten het kappen niet ook de klimaatcrisis?

Niet alleen bossen, maar álle natuur slaat CO2 op. Bijvoorbeeld veengebieden hoogveen, kwelders en moerassen spelen hierin ook een zeer belangrijke rol. Daarom is het belangrijk om alle natuurgebieden goed te beheren, te versterken en in stand te houden, en niet alleen bossen. Gezond, nat hoogveen houdt CO2 vast. Ongezond, uitdrogend, oxiderend hoogveen stoot CO2 uit. Als we niets doen, droogt het hoogveen verder uit en komt er CO2 vrij. Dat is het CO2-effect van het hoogveen. Hiervoor moeten helaas bomen wijken, die van oorsprong niet op deze plek in dit ecosysteem thuis horen, maar er komt wel weer hoogwaardigere natuur voor terug. Daarnaast is natuurbeheer een kwestie van een lange adem. Men kan er niet ad hoc problemen mee oplossen of snel beleidsdoelen door realiseren.

7. Wat zijn de regels rond compenseren van gekapte bomen en waarom is Natura 2000 een uitzondering?

De regels voor het herplanten van bomen verschillen per gemeente. De herplantplicht is bedoeld om te voorkomen dat natuur ‘zomaar’ kan verdwijnen. Natura 2000 heeft echter een breder perspectief waarin bomenkap soms juist kan bijdragen aan het versterken van de natuur. Daarom heeft het Rijk besloten dat natuurbeheerders in Natura 2000-gebieden geen herplantplicht hebben. Zij kunnen zich hierdoor volledig focussen op het herstellen van de biodiversiteit. Goede afspraken en normen in het inrichtingsplan borgen dat er zorgvuldig wordt gewerkt, zonder dus voor elke beheeractiviteit een aparte vergunning aan te vragen en gedegen onderzoek te doen naar de gevolgen.

8. Heeft Landschap Overijssel een herplantingsplicht?

Landschap Overijssel heeft, net als ieder ander die bomen kapt, een herplantingsplicht. Deze geldt niet als er bomen worden verwijderd om Natura 2000-doelen te behalen (zie ook vraag 28).

9. Wat doet Landschap Overijssel aan herplanten en aanplanten van bomen?

Landschap Overijssel creëert en herstelt provinciebreed landschapselementen zoals houtwallen en singels. Dit zorgt niet alleen voor een afwisselend landschap, maar ook voor de vastlegging van CO2. Tegelijkertijd roept Landschap Overijssel op om de uitstoot van CO2 te verminderen. Ondanks de geweldige opslagmogelijkheden van de natuur is het onmogelijk om de almaar groeiende CO2-uitstoot te kunnen blijven opvangen.

10. Wat doet Landschap Overijssel aan de klimaatcrisis?

Landschap Overijssel neemt deel aan ZON-projecten, waarin naaldbomen worden vervangen door loofbomen die veel minder water verdampen gedurende het jaar. Daarnaast vervangt Landschap Overijssel door de letterzetter aangetaste fijnsparren door meer droogtebestendige boomsoorten. Ook doet Landschap Overijssel proeven. Bijvoorbeeld naar het effect van de aanplant van andere, meer aan het veranderende klimaat, aangepaste boomsoorten. Daarbij wordt de vitaliteit van de soorten zelf gemonitord, maar ook het effect van deze soorten op bijvoorbeeld biodiversiteit en klimaat in brede zin.

11. Wat doet de provincie Overijssel aan het compenseren van boskap en de klimaatcrisis?

De provincie Overijssel maakt in het kader van de landelijke Bossenstrategie afspraken met het Rijk over compensatie van boskap. Het voornemen van het Rijk en de provincies is om alle boskap in het kader van Natura 2000 met terugwerkende kracht tot 1 januari 2017 te compenseren. In de gezamenlijke Bossenstrategie van Rijk en provincies wordt ook de ambitie uitgewerkt om het bosareaal in Nederland met 10% uit te breiden. Dit is landelijk circa 37.000 ha. Een deel daarvan komt ook in Overijssel. De Bossenstrategie wordt naar verwachting in 2020 vastgesteld.

12. Zijn er echt geen andere oplossingen dan kappen voor het Aamsveen?

De conclusie op basis van alle uitgevoerde onderzoeken (zie vraag 11) is dat kappen van een deel van het jonge berkenbos in de laggzone verstandig is om verdere verdroging van het Aamsveen te voorkomen. Om te weten of kappen ook het gewenste effect heeft en of er geen onhaalbare doelen worden nagestreefd, zijn alle hydrologische ingrepen nauwkeurig doorgerekend. De voorspelling van het oppervlaktewatermodel en het grondwatermodel is dat de uitgangspunten voor verbetering van hoogveen en de laggzone gunstig zijn als we alle maatregelen in samenhang uitvoeren. Om die reden - het hoogveenlandschap in zijn geheel versterken – wordt dus een totaalpakket aan maatregelen uitgevoerd, inclusief bomenkap. Een gunstig neveneffect van het tegengaan van verdroging is dat het hoogveen dan ook geen CO2 meer uitstoot. Groeiend hoogveen legt veel CO2 vast.

Bij de voorgenomen kap wordt rekening gehouden met aanwezige natuurwaarden. Dat kan betekenen dat kleine stukjes bos blijven staan, mits de inschatting van ter zake deskundigen is dat dit tot een behoud van een soort leidt (of goed onderbouwd kan worden).

13. Verdient Landschap Overijssel geld aan het kappen van bomen?

De bomen die worden gekapt in het Aamsveen leveren geen hoogwaardig hout op en kan als alles meezit kostenneutraal uitgevoerd worden. Er wordt geen geld aan verdiend.

Q&A | Over de toekomst

1. Hoe voorkomt Landschap Overijssel dat het net gekapte bos opnieuw volgroeit met jonge boompjes? En is er wel voldoende geld voor?

Landschap Overijssel beheert het Aamsveen na de werkzaamheden. Vanwege de oppervlakte en te verwachten massaliteit zal dit de eerste jaren vooral mechanisch plaatsvinden: maaien dus. In een later stadium gebeurt dit ook weer met vrijwilligers, bijvoorbeeld van EnHoe.

Natuurbeheer wordt deels bekostigd vanuit de reguliere subsidieprogramma’s (SNL) en deels uit eigen middelen (afkomstig uit giften en donaties) van Landschap Overijssel.

2. Wie controleert of de werkzaamheden straks het gewenste effect hebben? En hoe gebeurt dat?

De provincie Overijssel monitort het effect van de Natura 2000-werkzaamheden. Men bekijkt op verschillende manieren of de effecten voldoende positief zijn, onder meer door met peilbuizen de grondwaterstand in de gaten te houden. Zijn de effecten onvoldoende, dan treft de provincie aanvullende maatregelen. Naast de provincie houdt ook Landschap Overijssel een oogje in het zeil door regelmatig te bekijken in welke mate de natuur in het gebied profiteert van de ingrepen.

3. Wie zorgt ervoor dat de effecten blijvend zijn? En hoe gebeurt dat?

De doelen voor Natura 2000 zijn niet vrijblijvend. Om te zorgen dat ze - nadat de werkzaamheden zijn uitgevoerd - ook daadwerkelijk worden behaald, vindt er beheer & onderhoud plaats en wordt er gemonitord. Het beheer- en onderhoudsplan is integraal onderdeel van het inrichtingsplan. Het beschrijft hoe het beheer en onderhoud van het Aamsveen uitgevoerd moet worden om de Natura 2000 (en eventuele overige) doelen (op termijn) te behalen. Landschap Overijssel voert dit plan uit, als terreinbeheerder. Daarnaast heeft de provincie Overijssel een monitoringsplan voor alle Natura 2000-gebieden opgesteld. Dit beschrijft de kritische parameters, hoe die zich moeten ontwikkelen en hoe vaak ze worden gemeten.

4. Ik ben enthousiast over de plannen, kan ik helpen met het beheer?

U bent van harte welkom! Aanmelden kan via georganiseerd vrijwilligerswerk zoals En EnHoe. Zie ook vraag 35.

Downloads

Bekijk hier meer informatie over het Aamsveen

Steun Landschap Overijssel

Overijssel is een schitterende en afwisselende provincie. Van de natuur kun je altijd genieten. Zelfs als je in de stad woont is natuur dichtbij. Dat is niet vanzelfsprekend, daar werken duizenden mensen hard aan, vaak met onze hulp. Samen maken we Overijssel mooier. Help je ons mee?