Veelgestelde vragen

Foto: Ruud Ploeg

Vragen en antwoorden over Natura 2000 Lemelerberg

Wat is Natura 2000?

Natura 2000 is de naam van een Europees netwerk van leefgebieden voor (zeldzame) planten, vogels en andere dieren. In deze gebieden werken overheden, waterschappen en natuur- en belangenorganisaties samen om - op basis van Europese natuurdoelen - verdere achteruitgang van de gewenste diversiteit aan planten en dieren te voorkomen. Om deze doelen te halen, moeten er soms ook maatregelen worden genomen in omliggende gebieden. Er zijn in Nederland in totaal ruim 160 Natura 2000-gebieden. Hiervan liggen er 24 in Overijssel.

Wat is het doel van Natura 2000?

Het doel van Natura 2000 is de kwaliteit en oppervlakte van beschermde typen natuur te behouden en waar mogelijk te verbeteren. In gebieden kunnen economische en ecologische belangen op gespannen voet (komen te) staan. In zogeheten beheerplannen leggen de rijksoverheid en provincies vast wat er op welke wijze mogelijk is. Uitgangspunt is steeds het realiseren van ecologische doelen met respect voor - en in een zorgvuldige balans met - wat particulieren en ondernemers willen. De plannen worden daarom in goed overleg opgesteld met alle direct betrokkenen, zoals beheerders, gebruikers, omwonenden, gemeenten, natuurorganisaties en waterschappen.

Wat doet Nederland met Natura 2000?

In een dichtbevolkt land als Nederland heeft de natuur onze zorg hard nodig. Er zijn in ons land ruim 160 Natura 2000-gebieden aangewezen. Hiervan liggen er 24 geheel of gedeeltelijk in Overijssel. Voor álle gebieden wordt een beheerplan gemaakt dat aangeeft hoe ‘beleven, gebruiken en beschermen’ er op een evenwichtige manier samen kunnen gaan. Het streven is overal om bestaande activiteiten zo min mogelijk te beperken. Tegelijkertijd is duidelijk dat ‘niet alles kan’ in Natura 2000-gebieden.

Wie maakt het beheerplan voor een Natura 2000-gebied?

De provincie (en in sommige gevallen het Rijk) neemt het initiatief om het beheerplan op te stellen. Ze wijst vervolgens voor ieder Natura 2000-gebied een ‘trekker’ aan die het plan feitelijk maakt, in nauw overleg met eigenaren, gebruikers, gemeenten, waterschappen en (andere) provincies. Vaak is de trekker de (belangen)organisatie met de meeste grond in eigendom in een gebied.

Wat staat er in het beheerplan?

In het beheerplan staat wat er moet gebeuren om de natuurdoelen in een gebied te halen; welke planten en dieren wáár en in welke mate beschermd moeten worden. Ook staat er in het beheerplan wie de maatregelen uitvoert en monitort.

Wat is PAS?

In veel Natura 2000-gebieden is de neerslag van stikstof een van de belangrijkste belemmeringen om de natuurdoelen te halen. De Nederlandse overheid heeft daarom het Programma Aanpak Stikstof (PAS) ontwikkeld, met aanvullende ecologische herstelmaatregelen om de neerslag te verminderen. Wat er lokaal precies aan extra maatregelen nodig is, maakt een zogeheten PAS-gebiedsanalyse duidelijk.

Waar staat Samen werkt beter! Voor?

Onder de noemer Samen werkt beter! (SWB) werken in Overijssel 14 partijen die bij Natura 2000 en PAS betrokken zijn, de komende jaren samen aan het behoud en herstel van kwetsbare natuur. Hiermee realiseren ze tegelijkertijd nieuwe kansen voor de economie omdat ontwikkelingen in de industrie, verkeer en landbouw nu vaak beperkt worden om de natuur niet verder te belasten. De gedachte achter SWB is dat bewoners, belangenorganisaties en overheid een gezamenlijke verantwoordelijkheid hebben om de kwaliteit van leefgebieden van planten dieren te verbeteren en de oorzaken van schadelijke effecten bij de bron aan te pakken. Grondeigenaren die te maken hebben met effecten op hun gronden, krijgen een passende oplossing aangeboden voor hun toekomst.

Natuurherstel Lemelerberg

Waarom zijn er natuurherstelmaatregelen nodig op de Lemelerberg?

De natuur op de Lemelerberg heeft het zwaar. Leefgebieden die tegenwoordig bijzonder zijn - zoals heidevelden - kwamen vroeger veel meer voor. Daardoor kwamen ook de plant- en diersoorten die er leven veel voor. Helaas is dat niet meer zo. Heidevelden zijn kleiner geworden, geïsoleerd geraakt en in kwaliteit achteruit gegaan. In de afgelopen 100 jaar is zelfs 90% van de heide in Overijssel verdwenen!

Met natuurherstel verbeteren we de leefomstandigheden voor waardevolle planten én dieren, die anders dreigen te verdwijnen. Denk aan de levendbarende hagedis, adder, mierenleeuw, zandoorworm, en vogels als geelgors en boompieper, de nachtzwaluw en de boomleeuwerik.

Om welke natuurherstelmaatregelen gaat het?

Op de Lemelerberg wordt een gevarieerd heidelandschap ontwikkeld. Het gaat om Natura2000 herstelmaatregelen, die Landschap Overijssel als terreinbeheerder uitvoert in opdracht van de provincie. De werkzaamheden zijn gericht op behoud van biodiversiteit op de Lemelerberg. Dit betekent dat er een leefgebied blijft voor alle huidige dieren en planten. Dus én bos én heidevelden, bronnetjes, zandverstuivingen enzovoort.

De werkzaamheden bestaan vooral uit:

- Omvormen van bos naar heide
- Bosgrond plaggen
- Verjonging en uitbreiding van jeneverbessen
- Toepassing van heidemaaisel (zaden) en bekalkingsmaatregelen

Waarom is uitbreiding van heide op de Lemelerberg belangrijk?

Op de Lemelerberg is veel heide begroeid geraakt door bos. Dit groeit hard door de stikstofdepositie, die werkt als meststof, terwijl heide en jeneverbes juist schrale grond nodig hebben. We verwijderen dus een deel van de bomen om de heide en jeneverbes die daar vroeger groeide, weer een kans te geven op herstel. Hiermee verbinden we ook de kleine heideveldjes op de Lemelerberg die door de bomengroei geïsoleerd zijn komen te liggen. Hierdoor kunnen dieren hun soortgenoten niet meer bereiken en dit verzwakt de soort.

Met deze maatregelen wordt de natuur sterker, is de historische gelaagdheid van het landschap beter te zien en keert het (uit)zicht op de berg keert terug.

Meer heide, wat betekent dit voor de planten en diersoorten?

Meer heide is goed voor insecten, zoals graafbijen en vlinders en steeds zeldzaam wordende vogels, waaronder de veldleeuwerik en nachtzwaluw. Maar ook de zandhagedis profiteert van heide. Een goed ontwikkeld heidelandschap is meer dan alleen heide, daar horen ook jeneverbessen, opslag van boompjes, korstmossen en stuifzand bij. Naast heide blijft er volop bos, voor soorten die juist die omgeving nodig hebben. Zo blijft er voor alle huidige soorten een leefgebied op de Lemelerberg.

Hoe komt het dat de biodiversiteit achteruit gaat?

Op de Lemelerberg is veel heide begroeid geraakt met bos. Het bos groeit erg hard door de stikstof, die werkt als meststof, terwijl heide juist schrale grond nodig heeft. Struikheide, pilzegge, jeneverbes en vele andere planten die op een gevarieerd heideveld thuishoren, hebben het moeilijk. Hierdoor verdwijnen bijvoorbeeld ook de wilde bijen, graafwespen en vlinders die van deze planten afhankelijk zijn. En dat is weer slecht voor de vogels die insecten eten.

Welk resultaat willen jullie uiteindelijk behalen?

Het doel is behoud van de diversiteit aan planten en dieren op de Lemelerberg. Dit betekent dat er voor alle huidige soorten dieren en planten voldoende leefgebied moet blijven. Dus én bos én heidevelden, bronnetjes, zandverstuivingen enzovoort. Die laatste, kwetsbare soorten natuur dreigen te verdwijnen, dus zetten we ons juist daarvoor in.

Het uiteindelijke doel is dat - naast bos - het kenmerkende gevarieerde heidelandschap met heide, zandverstuivingen en bronnetjes op de Lemelerberg blijft bestaan. Dit is goed voor de biodiversiteit en het versterkt de natuur. Daarnaast keert – door het weghalen van bomen – het zicht op de berg terug en kunnen recreanten en omwonenden blijven genieten van heide.

Wat gebeurt er als we niets doen?

Als we niets doen, en de natuur en de stikstof hun gang laten gaan, wordt de hele Lemelerberg op termijn een bos en zal de kwaliteit van de heide verder achteruitgaan. We zijn al grote stukken heidelandschap – en de planten en dieren die er leven - kwijtgeraakt en dit zal alleen maar meer worden. Dat is niet alleen schadelijk voor kwetsbare dieren en planten die zullen uitsterven omdat ze geen leefgebied meer hebben, maar ook voor ons als mensen. Volgende generaties zullen niet meer weten hoe een heideveld of zandverstuiving eruitziet. Los daarvan zal het verlies aan biodiversiteit invloed hebben op de kwaliteit van ons leefmilieu.

Kan de doelstelling ook bereikt worden door minder bomen te verwijderen?

De huidige natuur heeft het zo zwaar dat ze niet meer kan inspelen op invloeden van buitenaf, zoals de klimaatverandering, een overdosis aan stikstof, enz. Kwetsbare planten en dieren móeten zich aanpassen, anders sterven ze uit. Dat aanpassen gaat beter in gezonde, grote natuurgebieden. De biodiversiteit kan hier dus alleen hersteld en versterkt worden in als een groot, robuust en aaneengesloten heidelandschap wordt gemaakt. Door de begroeiing met bos zijn kleine geïsoleerd gelegen heideveldjes ontstaan. Diersoorten die hier leven kunnen hun soortgenoten niet meer bereiken. Er ontstaat inteelt en dit verzwakt de soort. Door het weghalen van bomen, ontstaan verbindingen en daardoor het grote, robuuste heidelandschap dat soorten nodig hebben.

Waarom willen jullie terug naar vroeger?

Het is niet het doel om terug te gaan naar vroeger. Toen bestond de Lemelerberg voor 90% uit heide. Het doel is wel: herstel en versterking van een deel van de heide op de Lemelerberg. zodat de dieren en planten die hier thuishoren een leefgebied houden op de Lemelerberg. Liefhebbers van bos vinden straks nog steeds 100 hectare bos op de Lemelerberg en er zijn volop bossen in de omgeving. De dieren die nu in het bos leven houden elders genoeg leefgebied.

Hoe wordt de bomenkap gecompenseerd?

De provincie maakt in het kader van de landelijke Bossenstrategie afspraken met het Rijk over compensatie van boskap. Hun gezamenlijke ambitie is om alle boskap in het kader van Natura 2000 met terugwerkende kracht tot 1 januari 2017 te compenseren. Dit is verder uitgewerkt in de gezamenlijke Bossenstrategie van Rijk en provincies. Hierin is ook de ambitie uitgewerkt om het bosareaal in Nederland met 10% uit te breiden. Dit is landelijk circa 37.000 ha. Een deel daarvan komt ook in Overijssel.

Het is toch zonde van de bomen?

Elke boom heeft zijn verhaal en een gekapte vlakte ziet er eerst niet mooi uit. Het duurt even voordat de heide weer gaat groeien. Maar het relatief jonge bos dat wordt verwijderd, is zeer algemeen in het Vechtdal. De dieren die in het bos leven, zijn niet zeldzaam en hebben in de omgeving veel soortgelijke natuur om in te leven.

De houtkap vindt zeer zorgvuldig plaats. Bomen met bijzondere waarde voor de natuur of beleving in het gebied blijven staan. Het te kappen bos betreft jong bos, eentonig naaldbos dat ook nog eens voor verdroging zorgt. Veruit het grootste deel van dit bos was tussen 1930 en 1960 nog heide. Het is bos geworden toen de schaapskudden vanaf de jaren ‘50 verdwenen uit het heidelandschap. Het doel is dat we een gevarieerd heidelandschap creëren en dat gaat het beste op een plek waar heide en jeneverbessen van oudsher al voorkomen. Als we hier de begroeiing met bomen weghalen en extra beheermaatregelen uitvoeren, krijgen de heidevegetaties weer alle kansen om zich te ontwikkelen.

Bomen zijn toch waardevol omdat ze CO2 opnemen? Hoe zit dat met klimaatverandering?

We hebben te maken met een klimaatcrisis en bomen nemen CO2 op. Maar helaas hebben we ook te maken met een biodiversiteitscrisis. In de Natura 2000 gebieden zijn we verplicht om te zorgen voor behoud van de biodiversiteit. Als Landschap Overijssel zien we het als een kerntaak van onze organisatie om de biodiversiteit in onze natuurgebieden op peil te houden. Immers, juist in de afwisselende natuurgebieden die we beheren, komen kwetsbare flora en fauna (nog) voor en kunnen we ze nu nog beschermen.

Binnen de natuurgebieden wordt de biodiversiteitscrisis dus bestreden. Buiten de natuurgebieden zet de provincie zich er voor in dat bos wordt aangeplant, omdat bos CO2 opneemt en dit bijdraagt aan het oplossen van de klimaatcrisis. De bomenkap wordt door Rijk en provincie ruim gecompenseerd buiten de natuurgebieden. Met deze combinatie van maatregelen worden tegelijkertijd de biodiversiteitscrisis (behoud van kwetsbare soorten die alleen op de heide kunnen leven) en de klimaatcrisis (meer bomen die CO2 opnemen) aangepakt.

Worden de bomen verwijderd om geld aan te verdienen?

Landschap Overijssel verwijdert hier geen bomen vanwege de inkomsten. Als het om geld zou gaan, kunnen we het bos beter laten staan. Dan kunnen we tot in lengte der jaren het aangegroeide hout blijven ‘oogsten’. Het beheer van heide kost meer geld dan bos, maar het is onze taak deze bijzondere natuur te behouden.

Wat zijn de gevolgen voor dieren die nu in het bos leven?

Er blijft voldoende bos op de Lemelerberg en in de ruime omgeving ervan. Deze dieren houden dus zeker genoeg alternatieven op de Lemelerberg of daarbuiten. Daar is met de planvorming al rekening mee gehouden. Ook is het verplicht om voorafgaande aan de werkzaamheden onderzoek te doen naar de (kritische) soorten die voorkomen in het gebied. Dat is dus ook gebeurd.

Voor sommige dieren, zoals haas of ree, heeft het geen nadelig effect op hun leefgebied. Een soort als ree vindt bijvoorbeeld nu ook al rustplek tussen jeneverbessen omdat dat vaak rustiger is dan de huidige bossen waar veel wandelaars zijn. Haas komt voor in bossen maar heeft een voorkeur voor open gebieden zoals heide maar ook weilanden. Konijn profiteert juist van een open landschap.

Waarom worden hier bomen verwijderd, terwijl ze op andere plaatsen juist worden aangeplant?

We beseffen dat het verwijderen van bomen onlogisch lijkt aangezien bomen CO2 opnemen. Het Rijk (en andere organisaties) planten om die reden op diverse plekken bossen aan. De provincie heeft besloten de bomenkap van de Lemelerberg elders te compenseren. Dit wordt gedaan vanwege de klimaatcrisis.

Maar naast de klimaatcrisis, kampt de wereld helaas ook met een biodiversiteitscrisis en die wordt aangepakt in de natuurgebieden. In deze gebieden komen de kwetsbare dieren en planten immers (nog) voor en hier ligt de kans - én Europese verplichting - om ze te beschermen en behouden.

Dus, de heide wordt hersteld in de natuurgebieden én de bomenkap die hiervoor nodig is wordt ruim gecompenseerd buiten de natuurgebieden. Zo bestrijden we tegelijkertijd de biodiversiteitscrisis (door behoud van kwetsbare soorten die alleen op de heide kunnen leven) en de klimaatcrisis (door meer bomen die CO2 opnemen).

Zijn de Natura 2000-plannen niet ingehaald door de klimaatcrisis die nu belangrijker is geworden?

De klimaatcrisis is niet belangrijker dan tevoren. Deze was altijd al belangrijk, alleen is er nu meer aandacht voor en wordt naar bomen gekeken voor een deel van de oplossing omdat deze CO2 opnemen.

De biodiversiteitscrisis is net zo belangrijk en vraagt ook aandacht en aanpak. In onze natuurgebieden liggen de beste kansen om de biodiversiteit te herstellen omdat kwetsbare soorten hier deels nog voorkomen, dus richten we ons hierop.

Is de biodiversiteitscrisis net zo belangrijk als de klimaatcrisis?

Ja helaas wel. Al langere tijd neemt overal op aarde de hoeveelheid, variatie en genenkwaliteit van planten en dieren af en raken ecosystemen verstoord. Dit is het gevolg van versnippering en verdroging van natuurgebieden, een overdosis aan stikstof én de gevolgen van de klimaatverandering.

Het uitsterven van soorten is minstens zo bedreigend als het klimaatprobleem. Alle leven op aarde maakt immers deel uit van hetzelfde systeem. Wanneer dat systeem uit balans raakt, omdat er delen uit wegvallen, zijn de gevolgen groot. Voor de natuur en voor de mens, als onderdeel van de natuur. Op termijn ontstaat er dan een groot gebrek aan frisse lucht, schoon water, vruchtbare bodems en bestuiving van gewassen.

Het Europese Natura 2000-programma is bedoeld om de biodiversiteit die er juist in die gebieden nog is, in stand te houden. Keuzes in Natura 2000-gebieden hebben dus als primair doel de biodiversiteit te beschermen. Dat betekent bijvoorbeeld dat er soms bomen moeten verdwijnen, terwijl dat vanuit een klimaatperspectief niet logisch lijkt. Toch is het dan nodig. In voedselarme natuurgebieden zoals heide en stuifzand, verdwijnen anders de karakteristieke planten en dieren die er thuishoren. De bomen zorgen ervoor dat ze steeds minder ruimte krijgen en verbruiken het water dat beschikbaar moet komen voor de planten. Daarnaast worden ze vaak nog verder verdrongen door planten die het door de overvloedige stikstof juist extreem goed doen. Na verloop van tijd eindigen we dan overal met slechts nog een paar zeer succesvolle planten en dieren. En met zéér omvangrijke problemen op het gebied van voedselvoorziening, plagen, ziekten, klimaat en grondstoffen voor huisvesting, kleding, medicijnen en brandstof. Dát willen we voorkomen.

Is het niet beter om even te wachten en eerst te kijken of de heide zich wel gaat ontwikkelen?

Onder de bomen en de strooisellaag van bladeren en takken, zit het heidezaad van vroeger nog in de grond. Zaad van heide is tientallen jaren kiemkrachtig. Heide is sterk en herstelt zich altijd prima. Ook na branden of maaien komt het terug. In de tachtiger jaren is ook al heide ontwikkeld op de Lemelerberg door bomen te verwijderen en daar is de heide spontaan teruggekomen. Hetzelfde gebeurt nu op de stukken die twee jaar geleden zijn verwijderd en waar dit najaar de strooisellaag is verwijderd. De heide komt hier spontaan tevoorschijn. Om het proces te versnellen, strooien wij nog aanvullende heidezaden uit. Dat duurt geen 10 jaar. Daarnaast is het goed om te weten dat het doel niet één groot bloeiend heideveld is. Een gezond heidehabitat bestaat niet alleen voor 100% heide maar ook uit zanderige plekken, korstmossen, kruiden, natuurakkertjes en af en solitaire bomen of boomgroepjes.

Vragen over de uitvoering van werkzaamheden

Wie is de opdrachtgever van de maatregelen en wie voert ze uit?

De provincie is opdrachtgever en als terreinbeheerder van de Lemelerberg voert Landschap Overijssel de maatregelen uit.

Aannemer NONAK uit Ommen voert in het najaar van 2020 de grondbewerking uit op de 50 hectare waar eerder het bos is verwijderd. Bosgroep Noord-Oost Nederland verwijdert de bomen op 20 hectare, verdeeld over vier percelen.

Hoe ziet de planning eruit?

Op de Lemelerberg is in 2018/2019 gestart met 50 hectare heideontwikkeling. In het najaar van 2020 is nog eens 20 hectare ontwikkeld. Volgens de oorspronkelijke Natura 2000-plannen staat nu nog 80 hectare op de agenda. In het najaar van 2021 en 2022 wordt opnieuw 20 hectare ontwikkeld (40 hectare totaal). Daarna worden de afgesproken natuurdoelen gemeten. Als deze dan al zijn behaald, is de overige geplande 40 hectare heideontwikkeling wellicht niet of niet geheel nodig.

Houden jullie rekening met het broedseizoen?

Jazeker! Het broedseizoen is in Nederland van 15 maart tot 15 juli. En we houden niet alleen rekening met broedende vogels, maar ook met kwetsbare planten, bijzondere bomen en roofvogelnesten. Er vindt, voordat we aan de slag gaan, een uitgebreide inventarisatie plaats.

Wat gaat er gebeuren nadat de bomen zijn verwijderd?

We bewerken hier de grond zo dat de heidezaden die hier van vroeger nog in de grond zitten de beste kansen krijgen om te ontkiemen. En dat we hier goed beheer kunnen uitvoeren om nieuwe opslag van boompjes te verwijderen. Dat betekent dat we onder meer gaan plaggen, schrapen, harken en stobben verwijderen. Op sommige plekken zien we alweer jeneverbesstruwelen, bosbesstruiken of heideplanten ontstaan. Hier doen we niets en geven we deze planten de ruimte om zich verder te ontwikkelen.

Nu het bos gekapt is, valt op hoeveel jeneverbessen er vrij komen te staan. Deze komen slechts op een aantal plekken in Nederland in zulke grote aantallen voor. Ook hebben we alweer boomleeuweriken en veldleeuweriken gehoord. Met het juiste beheer ontstaat weer een gevarieerd landschap op de Lemelerberg met heide, zandverstuivingen én nog steeds volop gevarieerd bos.

Waar gaat het hout heen?

Dit is afhankelijk van de kwaliteit van het hout van de bomen. Het uitgangspunt is dat elk deel van de boom zo optimaal mogelijk wordt benut. Landschap Overijssel verkoopt het hout op daarvoor geëigende plekken en gebruikt de opbrengst om haar beheeractiviteiten (mede) mee te financieren. Het hout gaat naar papierfabrieken en kwalitatief minder goed hout wordt verkocht aan spaanplaatfabrieken. Het mooie hout gaat naar houtzagerijen om er bouwhout van te maken en takafval wordt versnipperd voor energieopwekking.

Specifiek:

zaaghout: voor de bouw (constructiehout voor huizen en schuren) en voor meubels en keukens;
kisthout: voor de verpakkingsindustrie;
profielhout: emballage, planken, kozijnen, tuinhout en als kisthout;
OSB (=grove spaanplaat): voor (afbouw)doeleinden;
vezelhout: voor de papierindustrie (vouwkarton) en plaatindustrie (bijvoorbeeld voor spaanplaat);
Overig rest takhout wordt verwerkt tot chips (hier kunnen we niets meer mee) voor energieopwekking (biomassa).

Wat merkt de bezoeker van de houtkap?

De bezoeker van de Lemelerberg kan hinder ondervinden van het geluid dat de machines produceren of omdat deze over wandelpaden rijden. Verder ziet de wandelaar houtstapels langs de paden en hier en daar hopen takken liggen die versnipperd gaan worden. We proberen alle wandelpaden zo goed mogelijk begaanbaar te houden maar voor de veiligheid kan het nodig zijn dat er even een omleiding is. Die geven we dan ter plekke duidelijk aan.

Wat gebeurt er met de routes?

Sommige paden worden aangepast. Zo zijn de groene en de blauwe wandelroute deels verlegd. Er blijven mooie paden voor fietsers en mountainbikers.

Op sommige plekken creëren we rust op de heide, door paden samen te voegen die nu heel dichtbij elkaar liggen. Op andere plekken maken we juist het nieuwe landschap en bijzondere plekken toegankelijk, om de natuur en cultuurhistorie nog beter en mooier te kunnen beleven.

Waarom is besloten de heideontwikkeling gefaseerd te doen?

In de afgelopen periode zijn de plannen voor de Natura2000-gebieden in Overijssel opnieuw bekeken om te bepalen of de afgesproken natuurdoelen ook bereikt kunnen worden met minder bomenkap. De conclusie is dat de eerste berekeningen nog steeds kloppen. Het oorspronkelijke plan is nog steeds het beste om de heide te herstellen en bedreigde dieren en planten te beschermen.

Tegelijkertijd is duidelijk dat de bomenkap, die nodig is voor de heideontwikkeling, impact heeft. En spelen er discussies over stikstof en CO2, die ook raken aan het werk. Daarom is het werk meer gespreid over de komende jaren. En worden toetsmomenten ingebouwd. Dan wordt gemeten of de natuurdoelen al zijn behaald. Als dat zo is, is de rest van de heideontwikkeling misschien niet meer nodig. Belangrijk hierbij is ook dat de provincie heeft besloten de bomenkap elders te compenseren en extra bomen bij te planten.

Wat zijn de voordelen van gefaseerd heide ontwikkelen?

Voordeel van gefaseerd heide ontwikkelen, is dat wellicht niet alle bomenkap nodig is. Ook zullen kleinere percelen minder impact hebben op omwonenden en recreanten. We kunnen bomen sneller afvoeren en vervolgmaatregelen meteen aansluitend uitvoeren. Pas als we al het hout en strooisel hebben verwijderd en de bodem is bewerkt, starten we met een nieuw stuk heideontwikkeling. Tot slot, delen we hiermee het beheer op in kleinere stukken om zo de opslag die naast de nieuwe heide opkomt beter aan te kunnen (ook met de schaapskudde).

Toegang en contact/vragen

Is het natuurgebied Lemelerberg tijdens het natuurherstel gewoon toegankelijk?

Ja. Soms kan het zijn dat er voor de veiligheid tijdelijk een pad is afgesloten. Dit wordt ter plekke aangegeven en er wordt voor een omleiding gezorgd. We proberen dit wel zoveel mogelijk te voorkomen.

Is het Theehuis Lemelerberg bereikbaar?

Ja. Het Theehuis blijft gedurende de werkzaamheden gewoon bereikbaar. Datzelfde geldt voor de parkeerplaats.

Wie kan ik bellen met vragen of opmerkingen?

Heeft u tijdens de werkzaamheden vragen of opmerkingen, dan horen wij die graag. U kunt daarvoor bellen of mailen met projectleider Rien Heerdink: rien.heerdink@landschapoverijssel.nl of 0610009919.

Toekomst

Wie controleert of de natuurherstelmaatregelen straks het gewenste effect hebben? En hoe gebeurt dat?

De provincie Overijssel monitort het effect van de herstelmaatregelen per (door Natura 2000-regelgeving) te beschermen, te behouden en/of te versterken natuursoort op de Lemelerberg. Men bekijkt op verschillende manieren of de effecten voldoende positief zijn, onder meer door met peilbuizen de grondwaterstand in de gaten te houden. Zijn de effecten onvoldoende, dan treft de provincie in de volgende Natura 2000-beheerplanperiode aanvullende maatregelen. Naast de provincie houdt ook Landschap Overijssel een oogje in het zeil door regelmatig te bekijken in welke mate de natuur in het gebied profiteert van de aanpassingen.

Wat levert recreanten het nieuwe landschap op?

Prachtige uitzichten, een nieuwe beleving van het gebied waarbij je op de uitgestrekte heide meer openheid ervaart en er meer (uit)zicht is op en naar de berg. Er is ook meer variatie in het landschap. Ons ideale toekomstbeeld doet bovendien recht aan de historie van het landschap; de smeltwaterdalen, raatakkers, middeleeuwse wegen met karresporen en Park 1813. Zodat de bezoeker straks niet alleen hoogwaardige natuur ziet, maar ook meegenomen wordt in 4.000 jaar bewoningsgeschiedenis van de Lemelerberg.

Wanneer is er weer heide?

Op basis van wat we verderop zien op de Lemelerberg weten we dat hier over drie tot vijf jaar een heidelandschap zal zijn met alles wat daarbij hoort: zandverstuivingen, gevarieerde heidevegetaties en vitale jeneverbesstruwelen.

Nu het bos verwijderd is, valt op hoeveel jeneverbessen er vrij komen te staan. Deze komen slechts op een aantal plekken in Nederland in zulke grote aantallen voor. Ook hebben we alweer boomleeuweriken en nachtzwaluwen gehoord. Met het juiste beheer ontstaat weer een gevarieerd landschap op de Lemelerberg met heide, zandverstuivingen én nog steeds volop gevarieerd bos.

Hoe voorkomt Landschap Overijssel dat de herstelde heide opnieuw begroeid raakt met bomen?

Dat gebeurt door intensief te beheren. Dit betekent dat de heide de komende jaren regelmatig gemaaid gaat worden. Ook wordt de schaapskudde uitgebreid voor extra begrazing en er is een actieve vrijwilligersclub die wekelijks de handen uit de mouwen steekt.

Steun Landschap Overijssel

Overijssel is een schitterende en afwisselende provincie. Van de natuur kun je altijd genieten. Zelfs als je in de stad woont is natuur dichtbij. Dat is niet vanzelfsprekend, daar werken duizenden mensen hard aan, vaak met onze hulp. Samen maken we Overijssel mooier. Help je ons mee?